- Inleiding
- Urineonderzoek
- Cortisolbepaling in urine
- Catecholamines in urine
- Afvalstoffen van hormonen in urine (VMA en 5-HIAA)
- Werkwijze urineonderzoek
- Meer informatie
Inleiding
Het hormoonstelsel (endocriene systeem) bestaat uit klieren en organen die hormonen maken. Het bloed verspreidt de hormonen naar bepaalde delen van het lichaam. Daar voeren ze hun functie uit. Het hormoonstelsel is een ingewikkeld systeem waarbij veel organen betrokken zijn. In het hormoonstelsel kunnen veel aandoeningen voorkomen.
De stofwisseling is een verzameling chemische processen. De stofwisseling stelt ingewikkelde stoffen samen of breekt ze af. Dat gebeurt bijvoorbeeld bij eiwitten, koolhydraten en vetten. De stofwisseling houdt de energieproductie en de groei van het lichaam in stand. Ook in de stofwisseling kunnen dingen mis gaan. Dat kan leiden tot verschillende aandoeningen.
Urineonderzoek
Bij ziekten van het hormoonstelsel kan de arts de urine van een patiënt onderzoeken. Meestal kijkt de arts naar het bloed als hij wil weten hoe het staat met de hormonen van zijn patiënten. Soms kan hij ook naar de urine kijken. In urine vinden onderzoekers soms afvalstoffen van hormonen. Onderzoek naar hormonen heet het bepalen van de hormoonspiegel.
Voor het bepalen van hormoonspiegels verzamelen onderzoekers urine van patiënten. Dit moet urine zijn die gedurende 24 uur verzameld wordt. Zo voorkomt de onderzoeker fouten. De samenstelling en hoeveelheid van hormonen in urine variëren namelijk gedurende de dag.
Daarnaast kunnen onderzoekers in urine ook glucose of natrium bepalen. Deze stoffen komen meer in het lichaam voor bij hormonale aandoeningen zoals diabetes mellitus of diabetes insipidus . Bij de verschillende stofwisselingsziekten meten onderzoekers ook afvalstoffen in de urine.
Cortisolbepaling in urine
Onderzoekers kijken naar cortisol in de urine als zij denken dat de patiënt teveel cortisol aanmaakt. De bijnierschors produceert cortisol. Bij het syndroom van Cushing maakt de bijnierschors teveel cortisol.
Catecholamines in urine
Het bijniermerg maakt de hormonen catecholamines. Die bestaan uit de stresshormonen adrenaline en noradrenaline. In de bijnier kan een gezwel groeien dat deze hormonen produceert. Dat heet een feochromocytoom ). Als dat gebeurt, stijgt de hoeveelheid catecholamines in de urine.
Afvalstoffen van hormonen in urine (VMA en 5-HIAA)
VMA is een afkorting voor vanille-amandelzuur. Dit is een afvalstof van noradrenaline die onderzoekers soms in de urine meten. Bij een feochromocytoom is de spiegel VMA verhoogd. Vroeger werd vaak gekeken naar VMA. Tegenwoordig meten onderzoekers meestal direct de catecholamines.
5-HIAA is een afvalstof van serotonine. Carcinoïdtumoren zijn tumoren die serotonine produceren. Als patiënten zo’n tumor hebben, zit er meer 5-HIAA in de urine.
Werkwijze urineonderzoek
Het laboratorium geeft patiënten een grote bokaal met conserveringsmiddel mee voor het verzamelen van 24 uurs urine. Patiënten moeten porties urine gedurende 24 uur moeten opvangen. Meestal moeten zij ’s morgens beginnen, waarbij ze de eerste ochtendplas nog moeten wegspoelen.
De rest van de dag sparen ze de urine op, tot en met de eerste ochtendplas van de volgende dag. De urine moet bewaard worden op een koele plaats. Afhankelijk van het onderzoek krijgt iemand soms ook van tevoren instructies mee over wat hij wel of niet mag eten. Soms mogen patiënten bepaalde geneesmiddelen een aantal dagen niet innemen.
Meer informatie
Informatie van de Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde
http://www.uwbloedserieus.nl
Informatie van het RIVM (Kies beter)
http://www.kiesbeter.nl/cortisol
http://www.kiesbeter.nl/catecholamines
Bron: Medicinfo Copyright: Medicinfo Datum: 01/05/2012
Disclaimer