Schimmelkweek

Inleiding

Voor schimmelkweken worden monsters afkomstig van iemand die mogelijk een schimmelinfectie heeft, vermengd met kweekmedia om ze in een laboratorium in een kunstmatige omgeving te laten groeien. Kweekmedia zijn de stoffen waarop de monsters worden aangebracht om de micro-organismen zich te laten vermenigvuldigen en kolonies te vormen. Deze kweekmedia kunnen vast, vloeibaar of een combinatie van beide zijn; ze verschaffen micro-organismen de voedingstoffen die deze nodig hebben om te groeien.

Indicatie

Schimmelkweken kunnen worden gebruikt om de infectieverwekkende schimmel te scheiden van andere schimmels en bacteriën die de plaats van de infectie eventueel besmetten of als onschadelijk micro-organisme (commensaal) in dat gebied aanwezig zijn. Een kweek is de nauwkeurigste methode om de ziekteverwekkende schimmel te identificeren en helpt bij het vaststellen van de oorzaak van een infectie.

Onderzoek

Het stellen van een goede diagnose is afhankelijk van de keuze van een geschikt monster en de zorgvuldigheid waarmee het wordt genomen. Infectie van de luchtwegen door schimmels komt vaak voor. Een belangrijke rol in de kweek van schimmels spelen dan ook monsters van opgehoest slijm (sputum), keeluitstrijkjes en afscheiding uit de luchtpijp, die met speciale technieken als bronchoalveolaire lavage worden verkregen. Daarnaast kunnen monsters worden genomen van verschillende plaatsen in het lichaam waar sprake is van een mogelijke infectie. Daaronder vallen onder andere de cerebrospinale vloeistof (die de hersenen omgeeft), bloed, beenmerg, nagels en urine.

Om een kweek te maken, worden de monsters op het meest geschikte kweekmedium aangebracht. Doorgaans wordt hiervoor agar gebruikt. Dit kweekmedium kan worden verrijkt met verschillende hoogwaardige voedingsstoffen, zoals bloed of bepaalde zouten, die nodig kunnen zijn voor specifieke schimmels. Het kweekmedium wordt overgebracht in petrischalen (platronde, ondiepe glazen schaaltjes), die voor het maken van kweken worden gebruikt. De petrischalen met de schimmels worden vervolgens in een broedstoof geplaatst, waarin de omstandigheden schimmelgroei bevorderen. Deze groei wordt nauwkeurig gevolgd. De meeste schimmels moeten een paar dagen tot een paar weken in de broedstoof blijven om zich maximaal te vermenigvuldigen. Voor alle zekerheid wordt een minimum van dertig dagen aangehouden voordat een negatieve uitslag definitief vaststaat.

Resultaat

Aangezien veel schimmels zich volgens hetzelfde patroon vermeerderen op het kweekmedium, zijn individuele schimmels moeilijk te identificeren, behalve door een deskundige met veel ervaring op dat gebied. De geïsoleerde schimmels die door het kweken worden verkregen, moeten onder de microscoop worden bestudeerd om de exacte subsoort van de ziekteverwekkende schimmel te identificeren en de geschikte behandeling te kunnen kiezen.

Meer informatie

Forbes, B.A., Sahm, D.F. and Weissfeld, A.S. (2002), Laboratory Methods in Basic Mycology in: Forbes, B.A., Sahm, D.F. and Weissfeld, A.S. (eds), Bailey and Scott’s Diagnostic Microbiology, 11th edn., Mosby Inc., London.

Pfaller, M.A. and McGinnis, M.R. (2003), The Laboratory and Clinical Mycology, in: Annaissie, E.J., McGinnis, M.R. and Pfaller, M.A. (eds.), Clinical Mycology, 1st edn., Churchill Livingstone, London.

Bron: LSHTM Copyright: Medicinfo Datum: 24/08/2009

Disclaimer