Circulatie
Dankzij een stelsel van bloedvaten gaat er voortdurend bloed in ons lichaam rond, in beweging gehouden door het hart. De bloedsomloop (circulatie) zorgt ervoor dat stoffen in het lichaam vervoerd kunnen worden. Dat is voor alle lichaamsfuncties van (levens)belang.
Aanvoer van zuurstof, afvoer van koolzuurgas Een belangrijke taak van de bloedsomloop is om het lichaam te voorzien van zuurstof. We nemen zuurstof op uit de lucht, via de longen. In de longen wordt het afgegeven aan het bloed en door het hele lichaam vervoerd. Zuurstof is nodig voor de verbranding van bijvoorbeeld koolhydraten of vet. Deze verbranding levert energie op, warmte. Bij de verbranding ontstaat een afvalstof, koolzuurgas, dat via de bloedsomloop naar de longen wordt vervoerd. De longen onttrekken dit koolzuurgas aan het bloed en ademen het uit.
Aanvoer van voedingsstoffen, afvoer van afvalstoffen
Een andere taak van de bloedsomloop is het vervoer van voedingsstoffen. Deze nemen we op via de darmwand. De bloedsomloop zorgt voor het vervoer naar andere delen van het lichaam. De afvalstoffen die bij het verbruik van voedingsstoffen ontstaan, worden via de bloedsomloop naar de lever en nieren vervoerd. Daar worden ze aan het bloed onttrokken en uitgescheiden of benut voor andere lichaamsfuncties.
Afweer van ziekten
Ook het afweersysteem maakt gebruik van de bloedsomloop. Als bijvoorbeeld een virus het lichaam binnendringt, maken verschillende organen afweerstoffen. Deze verspreiden zich via het bloed en maken het virus onschadelijk.
Andere functies
De bloedsomloop heeft nog andere functies. Ze speelt bijvoorbeeld een rol bij het op een constante temperatuur houden van het lichaam en bij het instandhouden van de vochtbalans. De bloedsomloop wordt ook benut voor het vervoer van stoffen die door de verschillende klieren worden uitgescheiden. Een voorbeeld is de insuline die door de alvleesklier wordt uitgescheiden. Dit hormoon zorgt ervoor dat de lichaamscellen koolhydraten (glucose) uit het bloed op kunnen nemen.
De bloedsomloop
U kunt zich de bloedsomloop voorstellen als een soort leidingenstelsel van bloedvaten: slagaderen, haarvaten en aderen. De bloedvaten brengen het bloed tot in alle hoeken van het lichaam. De gezamenlijke lengte van de bloedvaten is moeilijk te bevatten: bijna vier keer de omtrek van de aarde.
De slagaderen vervoeren zuurstofrijk bloed vanuit het hart naar andere delen van het lichaam. Ze ontspringen aan de aorta, de grote lichaamsslagader. De aderen vervoeren zuurstofarm bloed terug naar het hart. Ze komen samen in de holle ader. De haarvaten zijn de kleinste bloedvaten. De wand van deze haarvaten is één cel dik. In de haarvaten vindt uitwisseling plaats tussen het bloed en het omliggende weefsel, bijvoorbeeld de darmwand of longweefsel.
Het bloed maakt een ronde door het lichaam
Het woord ‘bloedsomloop’ geeft al aan dat het bloed in ons lichaam rondgaat. Dit gebeurt volgens een vaste route.
hart > longen > hart > overige delen van het lichaam > hart > longen > enzovoort
De grote en de kleine bloedsomloop
Het eerste gedeelte van deze route, van het hart naar de longen en terug, heet de kleine bloedsomloop. Het tweede gedeelte, van het hart naar de andere delen van het lichaam en terug, wordt de grote bloedsomloop genoemd.
- Van het hart naar de longen en terug (kleine bloedsomloop)
Het hart pompt het bloed eerst naar de longen. Dit gebeurt via de longslagaders. In de longen neemt het bloed zuurstof op. Vervolgens gaat dit zuurstofrijke bloed weer terug naar het hart via de longaders.
- Van het hart naar de andere delen van het lichaam en terug (grote bloedsomloop)
Het zuurstofrijke bloed komt dus terug in het hart. Daar wordt het in de aorta geperst en vervolgens naar alle delen van het lichaam vervoerd. De aorta heeft vertakkingen naar de verschillende delen van het lichaam. Via de hersenslagader gaat bloed naar de hersenen, via de maagslagader naar de maag, via de beenslagaderen naar de benen enzovoort.
In alle delen van het lichaam wordt de zuurstof uit het bloed opgenomen. Het zuurstofarme bloed gaat vervolgens via de aderen terug naar het hart. Via het hart wordt het bloed naar de longen gepompt, zodat het opnieuw zuurstof kan opnemen. De omloop is dan opnieuw begonnen.
De gehele bloedsomloop duurt tien tot vijftien seconden. Al het bloed legt dus elke tien, vijftien seconden de volledige reis af.
Bron: Stichting September Copyright: Stichting September Datum: 23/04/2012
Disclaimer