Verbinding tussen plasbuis en endeldarm bij mannen (uretrorectale fistel)

Inleiding

Een verbinding tussen de plasbuis (urethra) en de endeldarm (het rectum) wordt een uretrorectale fistel genoemd. Deze verbinding is normaal niet aanwezig. De urethra is een buis die vanuit de blaas via de prostaat en door de hele lengte van de penis loopt. Door de urethra wordt urine (tijdens het plassen) en zaadvloeistof (tijdens seksuele activiteit) getransporteerd. Het rectum is het laatste gedeelte van de dikke darm, via het rectum verlaat de ontlasting ons lichaam.

Oorzaken

Een uretrorectale fistel is een zeldzame aandoening. Soms is die het gevolg van een afwijking tijdens de ontwikkeling van het ongeboren kind. Vaker is de oorzaak een verwonding of infectie van rectum en urethra. Zo is de ziekte van Crohn een ontstekingsziekte van de darmen die soms leidt tot een uretrorectale fistel. Een uretrorectale fistel kan ook ontstaan na de uitzaaiing van een tumor van bijvoorbeeld de prostaatklier, het rectum of de urethra. Ontstekingen en weefselafbraak door bestraling kunnen eveneens tot fistelvorming leiden.
In zeldzame gevallen is een uretrorectale fistel een complicatie van operaties die worden uitgevoerd bij prostaattumoren en darmziekten.

Verschijnselen

Mensen met een uretrorectale fistel zijn vatbaar voor infecties van de urinewegen. Vaak krijgen ze koorts. In veel gevallen lekt er tijdens het plassen urine uit het rectum. Ook komt het voor dat er wat ontlasting met de urine wordt uitgeplast. Vaak lekt er gas uit de darmen de urethra in, waardoor er bellen in de urine ontstaan. Soms is er diarree.

Diagnose

Op basis van de klachten en een lichamelijk onderzoek is de diagnose uretrorectale fistel te stellen. Een darmziekte, zoals de ziekte van Crohn, een operatie of radiotherapie van de darmen of de prostaat, vormen een eerste aanwijzing. Onderzoeken die de diagnose kunnen bevestigen zijn:

  • proctoscopie;
  • cystoscopie;
  • urografie;
  • blaasuretrografie;
  • endorectale echografie.

Bij een proctoscopie brengt de arts via de anus een proctoscoop in het rectum, zodat hij het rectum van binnen kan bekijken en eventuele fistels kan ontdekken.
Met behulp van cystoscopie kunnen de urineblaas en de urethra direct zichtbaar worden gemaakt. Zo kan worden vastgesteld waar de afwijkende opening van de urethra zich bevindt.
Met urografische en blaasuretrografische onderzoeken kan de afwijkende verbinding tussen de urethra en het rectum over de gehele lengte worden bekeken. Hierbij wordt de fistel met röntgenfoto´s zichtbaar gemaakt.
Bij een endorectale echografie wordt de echosonde in het rectum ingebracht om de fistel op te sporen.

Behandeling

Eerst moet de oorzaak van de fistel worden behandeld. De fistel zelf wordt chirurgisch verholpen. De operatie waarbij de fistel wordt verwijderd, heet fistulectomie. Omdat de kans groot is dat een fistel terugkomt, is een fistulectomie niet altijd afdoende. Om de urethra de tijd te geven om te genezen, wordt de urine op een andere wijze afgevoerd. Dit wordt gedaan door een katheter direct in de urineblaas in te brengen via een kleine snede in de onderbuik (suprapubische katheterisatie). Om het rectum de tijd te geven om te genezen, wordt een deel van de darm boven het rectum ingesneden en wordt het open uiteinde naar buiten gebracht en op de buikhuid vastgehecht (colostomie). De ontlasting hoeft hierdoor niet via het rectum het lichaam te verlaten en krijgt het rectum de tijd om te genezen. De suprapubische katheterisatie en de colostomie zijn tijdelijke omleidingsprocedures; zodra de urethra en het rectum zijn genezen, wordt de oorspronkelijke situatie hersteld. Het kan echter wel enkele maanden duren voordat het zover is.

Prognose

Na een ingrijpende aanpak met suprapubische katheterisatie en colostomie zijn de genezingskansen van een fistel groot. In een enkel geval keert de aandoening echter terug.

Meer informatie

Informatie over verschillende soorten fistels (oncoline)
www.oncoline.nl

Boushey, R. P, McLeod, R. S, & Cohen, Z. (1998), “Surgical management of acquired rectourethral fistula, emphasizing the posterior approach”, Cancer Journal of Surgery, vol. 41, no. 3, pp. 241-244.

Devine, C. J. Jr, Jordan, G. H & Schlossberg, S. M. (1992), “Surgery Of The Penis and Urethra2, in: Walsh, P. C, Retik, A. B, Stanley, T. A, et al, (eds) Campbell’s Urology, 6th edn, W. B. Saunders, Philadelphia.

Drach, G. W. (1991), “Periurethral Abscess”, in: Glenn, J. F. (ed), Urologic Surgery, 4th edn, J. B. Lippincott Company, Philadelphia.

Nyam, D. C, Pemberton, J. H. (1999), “Management of iatrogenic rectourethral fistula”, Diseases of the Colon and Rectum, vol. 42, no. 8, pp. 994-997.

Santoro, G. A, Bucci, L, Frizelle, F. A. (1995), “Management of rectourethral fistulas in Crohn's disease”, International Journal of Colorectal Disease, vol. 10, no. 4, pp.183-188.

Solomon, M. J. (1996), “Fistulae and abscesses in symptomatic perianal Crohn's disease”, International Journal of Colorectal Disease, vol. 11, no. 5, pp. 222-226.

Weinerth, J. L. & Robertson, C. N. (1997), The Male Genital System, in: Sabiston, D. C. Jr, & Kim Lyerly, H. (eds), Sabiston Textbook Of Surgery, 15th edn, W. B. Saunders Company, Philadelphia.

Bron: LSHTM Copyright: Medicinfo Datum: 11/04/2008

Disclaimer