Inleiding
Kinkhoest (pertussis) is een zeer besmettelijke ziekte die wordt veroorzaakt door de bacterie Bordetella pertussis. De aandoening leidt in eerste instantie tot ontsteking van het ademhalingsapparaat: het strottenhoofd, de luchtpijp en de luchtwegen. Kinkhoest wordt bij kinderen gekenmerkt door hevige hoestbuien die eindigen in een lange, gierende inademing. Voordat er een vaccin tegen bestond, kwam kinkhoest voornamelijk bij kinderen voor. Vaccinatie tegen kinkhoest is daarom opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma
Oorzaak
Kinkhoest wordt van de ene op de andere mens overgebracht via minuscule druppeltjes die door niezen, hoesten of tijdens het spreken uit de mond of neus van een patiënt in de lucht terechtkomen en door iemand anders worden ingeademd. Zoals gezegd is kinkhoest zeer besmettelijk: gezinsleden van een patiënt raken dan ook gemakkelijk besmet. Baby’s jonger dan zes maanden en kinderen die (nog) niet alle inentingen tegen kinkhoest hebben gehad, lopen het grootste risico deze ziekte te krijgen door contact met geïnfecteerde tieners en volwassenen. Het meest besmettelijk is kinkhoest in de beginfase en in de twee weken na de eerste hoestbuien.
Verschijnselen
Zeven tot tien dagen nadat de bacterie Bordetella pertussis het lichaam is binnengedrongen, kunnen er verschijnselen optreden als niezen, tranende ogen, overmatige afscheiding van waterig slijm uit de neus, een lichte (prikkel) hoest, verhoging en een gevoel van niet lekker zijn. Dit stadium duurt één tot twee weken.
Daarna volgt een periode die één tot meerdere weken aanhoudt en gekenmerkt wordt door hevige, krampachtige hoestbuien. Elke hoestbui bestaat uit vijf tot twintig korte hoesten, die steeds sneller na elkaar komen en steeds heviger worden, eindigend in een diepe inademing met een gierend geluid. Hoestbuien kunnen worden opgewekt door lawaai, eten of lichamelijk contact en de frequentie ervan kan variëren van vijf à tien per dag tot een paar per uur. De hoestbuien zijn vaak ’s nachts het ergst: de laatste hoestbui van een reeks eindigt gewoonlijk in braken. Daarnaast zijn de hoestbuien uitputtend, waardoor de kracht om te drinken bij jonge kinderen kan afnemen.
Het stadium van herstel duurt één tot drie maanden en wordt gekenmerkt door een geleidelijk afnemende frequentie van hoestbuien, die ook minder hevig worden.
Diagnose
De diagnose kinkhoest wordt gesteld aan de hand van de klachten en een lichamelijk onderzoek van de patiënt, waarbij vooral wordt gelet op de eventuele aanwezigheid van het kenmerkende gierende geluid tijdens inademen aan het einde van een hoestbui. De diagnose wordt bevestigd door middel van laboratoriumonderzoek zoals een kweek van het opgehoeste slijm. Daarnaast kan met serologisch onderzoek, bijvoorbeeld ELISA de specifieke afweerstoffen (antilichamen) worden opgespoord die het lichaam heeft aangemaakt tegen de infectie.
Behandeling
Al in het eerste stadium van kinkhoest wordt begonnen met toediening van antibiotica om de infectie te bestrijden. Aangezien kinkhoest bij baby’s het grootste risico op complicaties met zich meebrengt, moeten zij, evenals jonge kinderen, soms worden opgenomen. In het ziekenhuis is het namelijk makkelijker de ademhaling te bewaken en zonodig zuurstof toe te dienen of beademing (mechanische ventilatie) toe te passen. Rust kan ervoor zorgen dat minder hoestaanvallen optreden. Op het moment dat kinkhoest wordt herkend, is de meest besmettelijke periode al verstreken en heeft besmetting van anderen vaak al plaatsgevonden. Het heeft daarom geen zin een kind met kinkhoest thuis te houden.
Naar school of het kinderdagverblijf gaan is geen probleem. Wel is het zinvol om de besmetting daar te melden, zodat andere ouders gewaarschuwd zijn en eventuele kinkhoest bij hun kind kunnen herkennen. Als er kans is op besmetting van baby’s die nog niet volledig zijn ingeënt of vrouwen die meer dan 34 weken zwanger zijn, is het raadzaam contact met de huisarts op te nemen.
Een behandeling met antibiotica heeft geen effect op de duur en ernst van de verschijnselen. Wel kunnen antibiotica, wanneer vroegtijdig gegeven, de besmettelijke periode verkorten. Het gebruik van hoestdranken, slijmoplossende of hoestonderdrukkende middelen heeft weinig effect. De hoestbuien worden er niet minder hevig of frequent door en de kinkhoestperiode duurt even lang.
Preventie
Kinkhoest komt vooral voor in landen waar kinderen niet standaard worden gevaccineerd tegen deze aandoening. De laatste jaren neemt het aantal gevaccineerde tieners met kinkhoest toe. Tegenwoordig worden de meeste besmettingen met kinkhoest gezien tussen de tien en veertien jaar. Een paar jaar geleden was dit nog tussen de een en vier jaar. Dit komt waarschijnlijk doordat de bescherming van het kinkhoestvaccin in de loop der jaren is verminderd. Daarnaast is mogelijk een verandering van de kinkhoestbacterie opgetreden waardoor de vaccinatie minder effectief is.
Kinkhoest kan worden voorkomen door actieve vaccinatie van iedereen, ongeacht leeftijd. Kinderen onder de vijf jaar krijgen het kinkhoestvaccin gewoonlijk in combinatie met de vaccins tegen difterie, tetanus en poliomyelitis (DKTP). Daarnaast kan preventief antibiotica worden gegeven aan alle leden van het gezin en andere mensen die in nauw contact staan met de patiënt. Iemand die in aanraking komt met kinkhoest maar nog niet alle DKTP-vaccinaties heeft gehad, moet direct de ontbrekende vaccinaties krijgen. Indien wel alle vaccinaties zijn toegediend maar de laatste meer dan drie jaar geleden, wordt een herhalingsvaccinatie gegeven.
Bij reizen met jonge kinderen naar een land waar kinkhoest veel voorkomt, is het raadzaam ervoor te zorgen dat ze alle vaccinaties hebben gehad.
Complicaties
Complicaties van kinkhoest doen zich het vaakst voor bij baby’s. Tot deze complicaties behoren longontsteking, zenuwaandoeningen (bijvoorbeeld stuipen) of hersenbeschadiging. De hevige hoestbuien zelf kunnen leiden tot complicaties als pneumothorax, een zware neusbloeding (epistaxis), een hernia of een bloeding in de hersenvliezen.
Meer informatie
Informatie van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
www.rivm.nl/rvp/
www.rivm.nl/rvp/overzicht_ziekten/kinkhoest/
Informatie van het Nederlands Huisartsen Genootschap
http://nhg.artsennet.nl/
Informatie van het Nederlands Vaccin Instituut
www.nvi-vaccin.nl/?id=166
Bron: Medicinfo Copyright: Medicinfo Datum: 15/02/2011
Disclaimer