Secundaire syfilis

Inleiding

Secundaire syfilis volgt na primaire syfilis. Secundaire syfilis is het gevolg van de vermenigvuldiging en verspreiding van de bacterie die syfilis veroorzaakt, Treponema pallidum. Het wordt gekenmerkt door het ontstaan van beschadigingen van de huid en de slijmvliezen. Dit stadium van syfilis is zeer besmettelijk.

Oorzaak

Bij volwassenen wordt syfilis voornamelijk overgedragen via seksueel contact met een geïnfecteerd persoon. De kans om de infectie op te lopen is ongeveer vijftig procent, zowel bij heteroseksueel als bij homoseksueel contact. Andere, minder vaak voorkomende wijzen van overdracht zijn:

  • direct contact met de besmettelijke huidbeschadigingen, zoals bij kussen;
  • bloedtransfusie van een geïnfecteerd persoon;
  • contact met verontreinigde voorwerpen zoals een naald.

Treponema pallidum kan door intacte slijmvliezen heen dringen. De bacterie vermenigvuldigt zich op de plaats waar hij is binnengekomen, waardoor een zogenoemde sjanker ontstaat. Vervolgens vermenigvuldigen de bacteriën zich en verspreiden ze zich door de bloedstroom, waardoor secundaire syfilis ontstaat.

Verschijnselen

Secundaire syfilis begint zes weken tot zes maanden na de primaire sjanker. De meest voorkomende verschijnselen zijn een niet-irriterende huiduitslag in combinatie met opgezette lymfeklieren. In sommige gevallen heeft de patiënt ook andere symptomen zoals koorts, hoofdpijn (meestal 's nachts) en gewrichts- en spierpijn. De uitslag heeft meestal de vorm van lichtrode vlekken/papels, die voornamelijk op de romp, armen en benen inclusief de handpalmen en de voetzolen voorkomen. Vaak zijn behaarde gedeelten van het lichaam ook aangedaan. Daardoor worden de haarfollikels geïnfecteerd waardoor bepaalde, kleine gebieden tijdelijk kaal worden.

Bij secundaire syfilis op de slijmvliezen van de mond, anus en geslachtsorganen vergroten de vlekken zich tot roze of grijze schijfjes, de zogenoemde condylomata lata. Deze zijn uitermate besmettelijk. De zweren bij secundaire syfilis genezen na twee tot zes weken en indien ze niet worden behandeld, begint de infectie aan een latente periode (periode zonder symptomen).

Diagnose

De diagnose secundaire syfilis wordt gesteld op basis van de klachten en een lichamelijk onderzoek van de patiënt in combinatie met diagnostisch onderzoek. De vloeistof die uit de zweren wordt afgetapt, wordt onder een speciale microscoop, een zogenoemde fasecontrastmicroscoop, onderzocht om de bacterieop te sporen. Door serologisch onderzoek (de zogenoemde 'Treponema pallidum hemagglutinatietest' (TPHA test)) kunnen antistoffen worden opgespoord die in reactie op de infectie in het lichaam worden gevormd.

Behandeling

Secundaire syfilis wordt behandeld met antibiotica. Patiënten die voor syfilis worden behandeld, dienen zich van seksueel contact te onthouden. Alle seksuele partners dienen zo snel mogelijk op de hoogte te worden gebracht, opdat ze kunnen worden onderzocht en er zo snel mogelijk met de behandeling kan worden begonnen.

Syfilis kan worden voorkomen door het gebruik van condooms. Condooms met zaaddodende middelen of bacteriedodende middelen zijn effectiever dan condooms met alleen glijmiddel. De overdracht van syfilis kan niet worden voorkomen door de geslachtsorganen te wassen of door na de geslachtsgemeenschap te plassen. Indien ongewone uitslag, zweren of afscheiding op de geslachtsorganen aanwezig zijn, dient van geslachtsgemeenschap te worden afgezien en dient een arts te worden geraadpleegd.

Complicaties

Bij patiënten die tijdens de secundaire fase niet met antibiotica worden behandeld, gaat de infectie over in de latente fase van syfilis en daarna, in de laatste/tertiaire fase van syfilis.

Meer informatie

Informatie van SOAAIDS nederland
www.soaaids.nl

Informatie van het RIVM
www.rivm.nl

Bron: LSHTM Copyright: Medicinfo Datum: 02/09/2009

Disclaimer