- Bloed en bloedgroep
- Het rhesussysteem
- Antigenen en immuunsysteem
- Bloedtransfusie en de rhesusfactor
- Rhesusfactor en zwangerschap
- Meer informatie:
De rhesusfactor heeft te maken met de bloedgroep. Deze factor is genoemd naar de rhesusaap. Bij dit dier werd de factor in 1940 voor het eerst ontdekt.
Iemand kan rhesuspositief of –negatief zijn. De rhesusfactor is belangrijk voor mensen die een bloedtransfusie nodig hebben. Ook bij zwangere vrouwen wordt nagegaan welke rhesusfactor zijn hebben. Deze tekst legt uit waarom dat zo is.
Bloed en bloedgroep
Bloedbestaat uit bloedcellen en vloeistof (plasma).Eén type bloedcellen zijn de rode bloedcellen . Aan het oppervlak van de rode bloedcellen zitten antigenen. Antigenen zijn eiwitten. Er zijn verschillende antigenen. Op basis hiervan worden bloedgroepen onderscheiden. Bloedgroepen zijn erfelijk. Ze worden door beide ouders overgedragen. De belangrijkste systemen om bloedgroepen in te delen zijn het AB0-systeem en het rhesussysteem.
Het rhesussysteem
Het rhesussysteem kent een aantal antigenen. De belangrijkste is het D-antigeen ofwel de rhesusfactor.
Bloed is rhesuspositief als de rode bloedcellen het D-antigeen op hun oppervlak hebben.85 procent van de Nederlanders heeft rhesuspositief bloed. Bloed is rhesusnegatief als de rode bloedcellen het D-antigeen niet hebben.
Antigenen en immuunsysteem
Ons immuunsysteem is een verdedigingssysteem. Het is er op gericht om indringers in het lichaam te bestrijden. Als u rhesuspositief bent en dus het D-antigeen hebt, herkent uw immuunsysteem dit antigeen. Het wordt niet als lichaamsvreemd en gevaarlijk gezien. Uw afweersysteem zal dan ook geen antistoffen maken.
Als u echter rhesusnegatief bent, en u zou rhesuspositief bloed krijgen, dan komen er in uw lichaam vreemde antigenen. Deze worden vervolgens aangevallen door uw immuunsysteem.
Bloedtransfusie en de rhesusfactor
Iemand met rhesusnegatief bloed mag dus geen bloedtransfusie krijgen met rhesuspositief bloed. Zijn immuunsysteem is niet gewend aan de aanwezigheid van D-antigeen en maakt antistoffen aan. Die breken het nieuwe bloed af. Dit heet een transfusiereactie . Dit kan zeer ernstig verlopen.
Iemand met rhesuspositief bloed kan bij een transfusie zonder problemen negatief bloed krijgen. Zijnimmuunsysteem reageert niet op de afwezigheid van het D-antigeen.
Rhesusfactor en zwangerschap
Een rhesusnegatieve moeder kan zwanger zijn van eenrhesuspositief kind. Tijdens de zwangerschap is er een kleine kans dat bloedcellen van het kindje in de bloedbaan van de moeder komen. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren na een vruchtwaterpunctie of een keizersnede. De moeder maakt vervolgens antistoffen aan tegen het rhesusantigeen. Als ze daarna weer zwanger is van een rhesuspositief kind, kunnen de antistoffen in het bloed van de moeder het ongeboren kind ernstig beschadigen. Dit heet rhesusantagonisme .
Om dit tegen te gaankrijgteen rhesusnegatieve moeder antistoffen (rhesusimmunoglobuline) via een injectie toegediend. Deze toegediende antistoffen voorkomen dat de moeder zelf antistoffen gaat aanmaken.
Meer informatie:
Informatie van Sanquin over bloedgroepen
www.sanquin.nl/sanquin-nl/sqn_donorstart_nl.nsf/all/bloedgroepen-.html
Informatie van het Erfocentrum over zwangerschap en rhesusfactor
www.erfelijkheid.nl/node/567
Engelse informatie over bloedgroepen
www.nlm.nih.gov/medlineplus/ency/article/003345.htm
Bron: Medic Info Copyright: Medic Info Datum: 28/06/2012
Disclaimer