Inleiding
Sterilisatie bij de vrouw is een ingreep waarbij de eileiders (die eicellen naar de baarmoeder vervoeren) afgesloten worden. Op deze manier kan het sperma van de man de eicel niet bereiken en vindt geen bevruchting plaats. Sterilisatie is een definitieve vorm van anticonceptie.
Er zijn verschillende manieren om de eileiders te af te sluiten:
- de eileiders doorsnijden en afbinden;
- de eileiders afklemmen met klemmetjes, clips of ringetjes;
- de eileiders dichtbranden met behulp van hoogfrequente elektrische stroom (bipolaire cauterisatie);
- de eileiders opvullen met siliconen.
Indicatie
Een vrouw wordt gesteriliseerd op haar eigen verzoek wanneer zij zeker weet dat zij geen kinderen meer wil krijgen.
Procedure
De operatie gebeurt meestal via de buikwand, met behulp van laparotomie, minilaparotomie of laparoscopie.
Voor sterilisatie met laparotomie is een grote insnijding door de buikwand nodig. Meestal wordt deze methode gebruikt wanneer de sterilisatie plaatsvindt tijdens een keizersnede of een andere gynaecologische operatie.
Bij minilaparotomie is alleen een kleine insnijding onder de navel nodig. Voor deze methode wordt gewoonlijk gekozen bij een sterilisatie na een vaginale (natuurlijke) bevalling.
Wanneer sterilisatie niet plaatsvindt in vervolg op een bevalling, wordt vaak laparoscopie toegepast. Een laparoscoop is een flexibele buis met een lampje waarmee de buikholte van binnen kan worden onderzocht. Voor de ingreep krijgt de vrouw een kleine insnijding in de buik in de buurt van de navel. Vervolgens wordt de buikholte opgeblazen met koolzuurgas en wordt de laparoscoop ingebracht. Via een sneetje boven het schaamhaar worden overige instrumenten ingebracht. De chirurg gebruikt de laparoscoop om de eileiders te vinden en ze af te sluiten.
Het afsluiten van de eileiders kan ook vaginaal gebeuren. In dat geval maakt men gebruik van colpotomie. Bij deze methode worden de eileiders via een insnijding in de vagina benaderd en afgesloten met een siliconenplug (Ovabloc-methode).
Resultaten
Sterilisatie van de vrouw is niet 100 procent betrouwbaar. Ongeveer 8 op de 1000 vrouwen worden in de eerste drie jaar na de sterilisatie toch zwanger. Sterilisatie van de man en juist pilgebruik zijn betrouwbaardere anticonceptiemiddelen.
Sommige vrouwen krijgen later spijt van de ingreep. Er bestaan microchirurgische hersteltechnieken voor het ongedaan maken van sterilisatie van de eileiders. Hoe succesvol de hersteloperatie is, hangt af van de methode waarmee de eileiders zijn afgesloten, de leeftijd van de patiënte, de lengte van overgebleven gedeelten van de eileiders, en van de techniek die wordt toegepast voor de hersteloperatie.
Gevolgen
Complicaties na sterilisatie van de vrouw komen zelden voor. De ingreep kan leiden tot beschadiging van de dikke darm of van de urineblaas (met incontinentie als gevolg) en beschadiging van bloedvaten waardoor nabloedingen optreden. Na afsluiten van de eileiders via de vagina treden soms infecties op. Als de ingreep mislukt, kan de patiënte toch zwanger raken. Soms leidt een mislukte sterilisatie tot een buitenbaarmoederlijke zwangerschap.
Meer informatie
Heineman et al. Obstetrie en gynaecologie. De voortplanting van de mens. Vijfde druk. Elsevier Gezondheidszorg, Maarssen, 2004.
Hendrix, N.W., Chauhan, S.P. & Maier, R.C, (1998), `Ectopic pregnancy in sterilized and nonsterilized women. A comparison’, The Journal of reproductive medicine, vol. 43, no. 6, pp. 515-520.
Peterson, H.B., Pollack, A.E. & Warshaw, J.E. (1997), `Tubal sterilization’, in: Rock, J.A., Thompson, J.D., TeLinde’s Operative Gynecology, 8th Ed, Lippincott-Raven Publishers, Philadelphia.
Roberts, H. (2000), `Good practice in sterilisation’, British Medical Journal, vol. 320, pp. 662-663.
Ryder, R.M. & Vaughan, M.C. (1999), `Laparoscopic tubal sterilization. Methods, effectiveness, and sequelae’, Obstetric and Gynecological Clinics of North America, vol. 26, no. 1, pp. 83-97.
Stovall, T.G. (1996), Hysterectomy, in: Berek, J.S., Novak’s Gynecology, Williams & Wilkins, London.
Pati, S. & Cullins, V. (2000), `Female sterilization. Evidence’, Obstetric and Gynecological Clinics of North America, vol. 27, no. 4, pp. 859-899.
Haspel-Siegel, A.S. (1997), `Fallopian tube anastomosis procedures to restore fertility’, AORN Journal, vol. 65, no. 1, pp. 75-82, 85-86.
Bron: LSHTM Copyright: Medic Info Datum: 16/06/2008
Disclaimer