Inleiding

Diarree is dunne, waterige ontlasting die vaker komt dan iemand gewend is, waarbij soms ook pijn in de buik of buikkrampen optreedt. Het is geen ziekte, maar eerder een symptoom van een onderliggend probleem. Iedereen heeft wel eens diarree, vooral op reis of op vakantie. Diarree gaat meestal, met of zonder behandeling, binnen 48 uur over.

Oorzaken

In de meeste gevallen is een acute aanval van diarree het gevolg van een virusinfectie of een bacteriële infectie. De virussen of bacteriën veroorzaken een ontsteking in de darmwand waardoor de darmwand minder vocht op kan nemen. Daardoor wordt de ontlasting dun. Men kan diarree krijgen via bedorven of besmet voedsel of water, of door het eten van iets waarvoor iemand allergisch is. Diarree kan ook ontstaan als bijwerking van medicijnen, vooral antibiotica, of worden veroorzaakt door spanningen of angstgevoelens. Ook kan er een overgevoeligheid zijn voor voedsel zoals een gluten- (coeliakie ) of lactose- intolerantie. Een verkeerd voedingspatroon of te veel gebruik van zoetstoffen, cafeïnehoudende dranken en suiker kunnen diarree veroorzaken. Bij het prikkelbare darm syndroom (PDS) is de darmwand overgevoelig voor prikkels waardoor diarree ontstaat. Ook kan er bij maag- en darmziekten langdurige diarree ontstaan, zoals de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa . Als gevolg van een toegenomen werking van de schilklier, kan de stofwisseling versnellen waardoor diarree het gevolg kan zijn. Bij jonge kinderen kan diarree ook veroorzaakt worden door het doorkomen van de tanden en kiezen.

Verschijnselen

Diarree is een dunne, waterige ontlasting, enkele keren tot vele malen per dag. De aandrang om naar het toilet te gaan komt meestal plotseling. Ook het ophouden van de ontlasting lukt meestal niet of moeizaam. De ontlasting heeft bij diarree ook een andere kleur en geur. Andere klachten kunnen zijn; pijnlijke buikkrampen, misselijkheid en overgeven, algeheel gevoel van ziek zijn en soms koorts. Diarree gaat meestal na één tot twee dagen vanzelf over, maar duurt soms ook langer.

Bij diarree verliest men vocht en zouten (natrium, chloride, kalium en bicarbonaat) zeker als iemand ook koorts heeft of moet overgeven. Als iemand te veel vocht verliest, kan het lichaam uitdrogen . Vooral kinderen jonger dan 2 jaar, ouderen en andere risicogroepen, zoals chronisch zieken kunnen snel uitdrogen.

Wat kunt u zelf doen?

Bij acute diarree is meestal geen behandeling nodig. Wel moet iemand met diarree (en overgeven) veel drinken om het vochtverlies te compenseren. Water, thee, heldere soep, rijstewater of een ijslolly. Drink elke keer na diarree een glas water , of elke paar minuten een paar slokjes water. Drink niet teveel tegelijk om misselijkheid en overgeven te voorkomen. Zodra het overgeven minder wordt kan iemand geleidelijk aan wat grotere hoeveelheden gaan drinken. Volwassenen moeten per dag minstens 1,5 tot 2 liter drinken. Voor kinderen geldt dat ze minstens 1 liter per dag drinken.
Bij diarree kan er ORS-drank gedronken worden om uitdroging te voorkomen. ORS is een afkorting van het Engelse ‘oral rehydration solution’. ORS is poeder dat wordt opgelost in mineraalwater of afgekoeld gekookt water en de verloren suikers, zouten en vocht in het lichaam weer aanvult. ORS is verkrijgbaar onder verschillende merknamen. Voor kinderen bestaat er ORS met een lekker smaakje. ORS kan zonder recept bij de apotheek of drogist gekocht worden als kant- en klare drank of als oplospoeder. Als u geen ORS kunt krijgen kunt u een oude zeer nuttige methode volgen: maak een zelfgemaakte oplossing van één theelepel tafelzout en 8 theelepels of 8 klontjes suiker per liter (mineraal of gekookt) water. Dit werkt heel goed, ook voor kinderen.

Bij acute waterdunne diarree is het niet verstandig om diarreeremmers te gebruiken zoals loperamide . De veroorzaker van acute diarree zoals een bacterie of een parasiet moet juist via de ontlasting de darm verlaten. Alleen in noodgevallen (bijvoorbeeld op reis) kan er loperamide gebruikt worden. Gebruik dit hoogstens twee dagen, maar niet bij koorts of bij kinderen onder de acht jaar.

Mensen met diarree vallen vaak af omdat zij minder eten en ook minder voedingsstoffen uit het eten opnemen, terwijl zij daar juist meer behoefte aan hebben. Een speciaal dieet is niet nodig, zelfs bij waterdunne diarree kan het lichaam nog de helft van de calorieën opnemen. Bij buikkrampen is het beste om kleine porties te eten.
Vermijd producten die het spijsverteringsstelsel kunnen irriteren, zoals sterk gekruid of vet eten en alcohol.

Diarree kan worden voorkomen door een goede hygiëne in acht te nemen. Was de handen grondig met zeep voor het koken of eten, na bereiding van vlees of vis, na het gebruik van een toilet en bij in aanraking komen met een huisdier of dierlijke uitwerpselen.

De arts raadplegen

  • Het is raadzaam contact op te nemen met een arts bij de volgende klachten:
  • bij diarree langer dan 3 dagen;
  • bij verschijnselen van uitdroging (minder plassen, dorstgevoel, sufheid);
  • bij 3 dagen achtereen koorts (39 graden of hoger);
  • bij bloed en slijm bij de ontlasting;
  • bij sufheid, verwardheid of bij de neiging tot flauwvallen;
  • bij voortdurende buikpijn (ook tussen de buikkrampen door).

    Neem direct contact op met een arts als het kind jonger is dan 2 jaar en:
  • aldoor blijft huilen en niet te troosten is;
  • suf of verward is;
  • niet wil drinken;
  • een dag niet meer plast;
  • langer dan twaalf uur waterdunne diarree;
  • naast diarree ook koorts heeft (39 graden of hoger);
  • diarree heeft en steeds moet overgeven;
  • bloed of slijm bij de ontlasting heeft.

    Neem contact op met een arts bij mensen boven de 70 jaar met diarree en;
  • sufheid, verwardheid of bij de neiging tot flauwvallen;
  • bij voortdurende buikpijn (ook tussen de buikkrampen door);
  • langer dan 24 uur waterdunne diarree hebben;
  • koorts (39 graden of hoger);
  • elk slokje water weer uitbraken;
  • een dag niet meer geplast;
  • bij het gebruik van plastabletten
  • als er bloed of slijm bij de ontlasting zit.


    Door diarree kan het lichaam minder goed geneesmiddelen uit de darm opnemen, met als gevolg een verminderde werking van die geneesmiddelen zoals de anticonceptiepil. Wanneer men plastabletten, anti-epileptica, digoxine of lithium gebruikt of wanneer iemand suikerziekte heeft, is het verstandig om contact op te nemen met een arts.

    De arts kan de ontlasting laten onderzoeken. Bij chronische diarree is de behandeling afhankelijk van de oorzaak. Vaak wordt de onderliggende ziekte behandeld, zodat ook de diarree vermindert.
    Bij tekenen van een ernstige uitdroging kan een verwijzing naar het ziekenhuis nodig zijn.

Meer informatie

Informatie van de Nederlandse Huisartsen Genootschap
http://nhg.artsennet.nl

Informatie van de maag, lever en darmstichting
http://www.mlds.nl


Informatie van de KNMP, de beroeps- en brancheorganisatie van apothekers
http://www.apotheek.nl

Bron: LSHTM Copyright: Medic Info Datum: 06/10/2010

Disclaimer