Spierverrekking

Inleiding

In de volgende beschrijving worden spierscheuring, peesruptuur en verrekking door elkaar gebruikt, omdat aan de hand van de klachten moeilijk verschil gemaakt kan worden. In de eerste alinea’s wordt wel een beschrijving gegeven van de verschillende aandoeningen. Wanneer over spierblessure wordt gesproken, kunnen alle andere genoemde varianten worden ingevuld.

Wat is een spierblessure?

Spierscheuring
Deze blessure wordt vaak zweepslag genoemd, doordat de pijnsensatie bij het optreden van een spierscheuring als een zweepslag aanvoelt. Vooral bij explosieve sporten ontstaan regelmatig spierscheuringen. Een spierscheuring, de naam zegt het al, is een scheurtje in de spier waarbij deze kan zijn ingescheurd maar ook volledig kan zijn doorgescheurd.

Peesruptuur
Elke spier zit aan het bot vast door middel van een pees. Dit is stevig weefsel. In het algemeen zit de zwakste schakel in de overgang van spier- naar peesweefsel waar dan ook de meeste scheuringen optreden. Aan het andere uiteinde van een pees, bij het botweefsel, kan ook een scheurtje ontstaan. Wanneer er in dit geval een stukje botweefsel mee afscheurt, spreken we van een avulsiefractuur.

Verrekking
Een minder ernstige vorm van een spier- of peesscheuring is een verrekking. Deze kan in de spier, spierpeesovergang maar ook in de pees plaatsvinden. Bij een spierverrekking heeft de spier tijdelijk aan te veel belasting blootgestaan of heeft de spier te veel kracht uitgeoefend, waardoor deze is uitgerekt.

Waar heb ik last van?

Acute, hevige pijn is de voornaamste klacht. Bij een spierscheuring kan dit samengaan met een branderig gevoel. Na deze reactie volgt spierzwakte en verlies van spierfunctie. Spierblessures kunnen gepaard gaan met een bloeduitstorting en/of een zwelling in het aangedane gebied. De verwonde spier kan plotseling onwillekeurig samentrekken (spasmen), wat doorgaans vergezeld gaat van hevige pijn. Ook bij gebruik van de spier is er hevige pijn voelbaar. Bij sporters komen de meeste spierblessures voor in de benen, vooral de kuitspieren, hamstrings en bovenbeenspieren zijn hier gevoelig voor.

Specifieke symptomen peesrupturen

Bij verschillende peesrupturen komen nog andere, specifieke klachten voor

Achillespees
De symptomen van een ruptuur van de achillespees zijn pijn, zwelling bij de hiel, en het niet meer in staat zijn om de voet naar beneden te bewegen en normaal te lopen.

Biceps
Een ruptuur van de bicepspees veroorzaakt een scherpe pijn en een bobbel in de bovenarm boven de elleboog. De schouder en bovenarm doen pijn.

Vingerstrekkers
Een ruptuur van de pezen die de vingers strekken (strekpezen of extensoren) en van de pezen die helpen bij het buigen van de vingers (buigpezen of flexoren) is vaak pijnloos, en de pezen kunnen een voor een na elkaar breken. Het kan zijn dat een ruptuur van de pees van de pink niet wordt opgemerkt totdat de ringvinger ook wordt aangetast, omdat de pink soms met de pees van de ringvinger is verbonden. Afhankelijk van welke pees er is gescheurd, is het mogelijk dat de betreffende persoon niet in staat is de vingers te strekken (strekpeesruptuur) of de vingers te buigen (buigpeesruptuur). Wanneer de pees die helpt bij het optillen van de duim (extensor pollicis longus) scheurt, wordt pijn en een schurend gevoel (crepitus) aan de achterkant van de pols gevoeld. Wie dit overkomt, kan met de handpalm plat op de tafel, de duim niet meer van de tafel optillen.

Kniepezen
Bij een verwonding van de pezen van de knie wordt pijn gevoeld bij snel lopen, rennen of springen. Bij een complete peesruptuur levert het buigen, strekken en optillen van de knie problemen op.

Wat kan een spierblessure veroorzaken?

Meestal is een combinatie van interne en externe factoren verantwoordelijk voor het ontstaan van spierblessures.

Mogelijke interne risicofactoren zijn zwakke spieren en pezen. Deze zijn niet goed in staat om krachten op te vangen, waardoor spierblessures eerder kunnen optreden. De oorzaak hiervan kan verschillend zijn; bijvoorbeeld ziekte, eerdere spierblessures of aanhoudende overbelasting. Ook een te hoog lichaamsgewicht is een risicofactor voor spierblessures.

Externe factoren zijn omgevingsfactoren, zoals ondergrond, weersomstandigheden, training en sportuitrusting.

Training
Een spierblessure doet zich meestal voor bij zeer intensieve lichamelijke activiteiten, bijvoorbeeld tijdens het rekken, draaien, trekken of tillen van zware voorwerpen zonder goede opwarming vooraf. Vooral deelnemers aan sporten als rugby, hockey en voetbal zijn gevoelig voor deze blessure. Ook sprinten, andere explosieve activiteiten, ongevallen en onverwachte bewegingen zijn berucht. Een spontane spierblessure kan het gevolg zijn van opgebouwde spanning door het langere tijd herhalen van dezelfde beweging van een gewricht. Daarnaast zijn het (moeten) leveren van grote krachten een risicofactor voor spierblessures.
Een andere belangrijke oorzaak ligt in toernooien die een langere tijd, enkele uren tot de hele dag, duren. Vaak moeten er dan verspreid over de dag verschillende wedstrijden worden gespeeld, waarbij de warming-up voor aanvang van elke wedstrijd dikwijls wordt overgeslagen. Doordat er tussendoor steeds een langere tijd rust is, ebt het effect van de warming-up steeds verder weg waardoor de kans op een spierblessure toeneemt.

Sportuitrusting
De sportuitrusting heeft meestal weinig invloed op het ontstaan van spierblessures. Wel kan de sportuitrusting is het lichaam beschermen tegen verwondingen (bijvoorbeeld: een scheenbeschermer), als deze bescherming tekortschiet kan een spierblessure het gevolg zijn.

Omgeving
Een oneffen ondergrond kan een misstap veroorzaken, wat kan leiden tot een spierblessure. Ook allerlei voorwerpen uit de omgeving kunnen een trauma veroorzaken met een spierblessure tot gevolg; bijvoorbeeld een scherpe rand van een voorwerp.

Wat kan ik zelf doen aan een spierblessure?

Direct handelen helpt om de herstelperiode zo kort mogelijk te houden.

Doortrainen of rust nemen?
Doortrainen is vaak niet mogelijk en als het al kan, is het niet verstandig. Het is het beste het geblesseerde lichaamsdeel gedurende 2 à 3 dagen niet te belasten. Hierna kan het weer belast worden, maar trainen is nog niet mogelijk.

Alternatieve training
Na twee tot drie dagen rust kan de spier weer belast worden; let wel op dat er geen pijn optreedt. Als er geen pijn meer is, kan er een start gemaakt worden met oefeningen. Er zijn alternatieve trainingsvormen mogelijk, zoals fietsen, zwemmen of cardiofitness; let ook hier op dat geen pijn optreedt. Het ontstaan van dit type blessures is mede afhankelijk van een eerdere blessure; een te snelle hervatting van de training kan dus tot een nieuwe, dezelfde, blessure leiden.
Volledig herstel duurt 6 tot 8 weken. Daarna is pas weer volledige belasting mogelijk. Bij het herstel van een spierblessure kunt u goed aanvoelen hoe ver u kunt gaan, er mag namelijk in geen geval pijn optreden.

Geschikte oefeningen
Het doel van deze oefeningen is de spier op de goede lengte te laten herstellen. Tijdens het uitvoeren van deze oefeningen mag er niet `door de pijn’ heen geoefend worden. Enige pijnsensatie mag en kan wel optreden. Voorzichtigheid is dus geboden.

De rekoefeningen zijn ontleend aan de `Janda’ methode. De aangedane spier wordt eerst licht aangespannen en daarna gerekt. Het aanspannen duurt 6 tot 8 seconden, waarbij er geen pijn mag optreden. Daarna volgt 3 seconden rust, waarna de spier weer 6 tot 8 seconden opgerekt wordt. Tijdens het rekken mag u tot de pijngrens gaan, maar niet daar doorheen. Deze oefening kan driemaal worden herhaald met steeds enkele minuten rust ertussen. Per dag kan deze gehele oefening tweemaal gedaan worden.

De uitvoering van deze oefeningen is erg belangrijk voor het genezingsproces, het is daarom raadzaam een fysiotherapeut te raadplegen om deze oefeningen goed aan te leren.

Koelen
Koelen heeft alleen een pijnstillend effect bij een spierblessure. U kunt de pijnlijke plek met een ijsblokje masseren of een ‘coldpack’ tegen de pijnlijke plek te houden. Doe dit maximaal tien minuten per keer. Om te zorgen dat er geen bevriezing van de huid optreedt, legt u een doek tussen het ‘coldpack’ en de huid.
Het effect van koelen op het genezingsproces is nog steeds twijfelachtig. Sommige wetenschappers claimen zelfs dat koelen het genezingsproces vertraagt.
Behalve koelen kan een drukverband aangelegd worden en kunt u het lichaamsdeel hoogleggen.

Professionele behandeling

Wanneer u veel last van uw blessure heeft, of wanneer uw eigen maatregelen na 2 weken nog geen verbetering geven, is het verstandig een deskundige om advies te vragen. U kunt hiervoor terecht bij de huisarts, een Sportmedisch Adviescentrum (SMA) of een (sport)fysiotherapeut. Ook wanneer u twijfelt over de aard van uw blessure of zich ongerust maakt, is het verstandig een arts of fysiotherapeut te raadplegen.

Hoe kan ik een spierblessure voorkomen?

De volgende preventietips kunnen de kans op het ontstaan van een spierblessure verminderen.

Training
Begin altijd met een goede warming-up. Loop 5 à 10 minuten rustig in, gevolgd door verschillende losmaakoefeningen van de spieren. Een voorbeeld van een losmaakoefening is met de voet rondjes of andere figuren in de lucht draaien of met de hak rondjes draaien terwijl de tenen op de grond blijven staan. Doe deze oefeningen ongeveer 15 seconden per keer en herhaal dit twee- tot driemaal, draai rustige, gecontroleerde figuren. Besteed vervolgens aandacht aan loopscholing en voer een aantal versnellingsloopjes uit, waarbij de snelheid naar het einde toe steeds meer wordt opgevoerd. Tijdens sporttoernooien is het ook verstandig om voor elke wedstrijd een korte warming-up te doen, zodat u weer warm begint aan de nieuwe wedstrijd.
Zorg ook voor een goede trainingsopbouw. Voer de intensiteit en de omvang van de trainingen geleidelijk op. Bouw dus, vooral na een blessure of ziekte, de training weer zeer geleidelijk op tot het oude niveau.
Beëindig de training altijd met een cooling-down. Deze kan bestaan uit enkele minuten rustig uitlopen en het uitvoeren van de eerder beschreven oefeningen.

Naast deze preventietips die elke training kunnen worden uitgevoerd zijn algemene spierversterkende oefeningen aan te raden voor een sporter. Sterkere spieren zijn beter in staat om grote weerstanden op te vangen, waardoor de kans op een spierblessure vermindert.

Sportuitrusting
Draag goed passende sportschoenen met een schokdempende zool, een stevige hielsteun en een hoge soepele hielrand. Als er sprake is van (lichte) voetafwijkingen, bijvoorbeeld knikplatvoeten, is het raadzaam om daar rekening mee te houden bij de aanschaf van nieuwe sportschoenen. Een goede sportspeciaalzaak kan u over de aanschaf van de juiste sportschoenen adviseren. Soms is het noodzakelijk om bij voetafwijkingen of een beenlengteverschil een speciale aanpassing in of onder de sportschoen te laten maken. Dit kan het beste door een orthopedisch schoenmaker worden gedaan. De overige kleding moet het lichaam goed beschermen tegen invloeden van buiten om spierblessures zoveel mogelijk te voorkomen.

Omgeving
Train zoveel mogelijk op een zachte, maar wel effen ondergrond (bos, gras). Wanneer u klachtenvrij bent, varieer dan de ondergrond zoveel mogelijk tijdens de training. Deze variatie zorgt ervoor dat spieren en pezen zich goed ontwikkelen en zich beter kunnen aanpassen aan de omstandigheden. Vermijd glibberige ondergronden.

Lichaamsgewicht
Sporters met een (te) hoog lichaamsgewicht, lopen een grotere kans op blessures. Bij overgewicht helpt afvallen mee om overbelasting te voorkomen.

Meer informatie

Algemene informatie over sporten en gezondheid
www.sportzorg.nl

Bron: LSHTM Copyright: Medic Info Datum: 18/03/2008

Disclaimer