Borstvoeding

Inleiding

Borstvoeding is de meest geschikte voeding voor je baby: gratis, goed op temperatuur, altijd bij de hand en heeft de juiste samenstelling.

Voordelen

Borstvoeding bevat antistoffen die je baby beschermen tegen ziektes en allergieën. Dat wil niet zeggen dat je baby nooit ziek zal worden als je borstvoeding geeft, maar bij borstgevoede baby's komen bijvoorbeeld minder middenoorontstekingen voor dan bij baby's die vanaf de geboorte kunstvoeding hebben gekregen.

Borstgevoede kinderen hebben minder kans op het ontwikkelen van allergieën en voedselovergevoeligheid. Zeker als er allergie in de familie voorkomt is het geven van borstvoeding gewenst.

Andere voordelen van borstvoeding:

  • Moedermelk stimuleert de optimale hersengroei. Het bevat veel aminozuurtaurine, dat belangrijk is voor de ontwikkeling van het centrale zenuwstelsel. Kinderen die minimaal zes maanden borstvoeding hebben gekregen lijken dan ook beter te presteren op school.
  • Het drinken aan de borst bevordert een goede kaakontwikkeling en bepaalt daardoor mede de ontwikkeling van het gezicht en het gebit.
  • Na de bevalling zal je minder bloed verliezen en wordt de placenta sneller geboren als de baby direct aangelegd wordt. Ook zal de baarmoeder sneller weer de normale grootte hebben. Het vet dat je op de buik en heupen hebt verzameld tijdens de zwangerschap verdwijnt sneller door borstvoeding te geven.
  • Door de baby zelf te voeden komt er een rustgevend hormoon vrij. Dit maakt dat je - zelfs als je nachten onderbroken worden door nachtvoedingen - je toch beter slaapt. Overdag ben je - door zelf te voeden - in de gelegenheid om zelf uit te rusten.
  • Na langdurig en intensief onderzoek is er een reden om aan te nemen dat moeders die hun baby langdurig zelf hebben gevoed minder kans hebben op krijgen van borstkanker of kanker aan de baarmoeder.

Borstvoeding is een unieke manier is om voor je kindje te zorgen. Het is iets wat je alleen zelf kunt doen en geeft een periode van rust en intimiteit die niemand je meer af kan nemen. Geniet dus van deze periode zolang je er zelf en de baby plezier aan beleven.

Voorbereiden op borstvoeding tijdens de zwangerschap

Veel vrouwen weten dat ze na de bevalling hun baby zelf willen gaan voeden aan de borst, maar weinig vrouwen bereiden zich ook voor op deze periode. Ga niet direct aan de slag met koude douches en ruwe handdoeken, want het resultaat van deze behandeling zijn koude en pijnlijke borsten en tepels, terwijl de natuurlijke beschermlaag van de borsten wordt afgewreven.

Het is beter om de borsten niet te wassen met zeep omdat daar twee nadelen aan kleven. Ten eerste droogt je huid ervan uit en ten tweede herkent de baby je aan jouw geur. Met zeep verdoezel je deze geur. Beter is het om de borsten alléén met schoon water te wassen.

De kliertjes die je op jouw tepelhof ziet (dat zijn die kleine bultjes om de tepel) scheiden een vette vloeistof af die de huid perfect beschermt tegen uitdrogen. Is jouw huid desondanks erg droog, vet hem dan af en toe in met een niet geparfumeerde lotion of zalf. Verder kun je tepels wat versterken door elke dag een paar uur zonder beha onder de kleding te lopen of om je borsten af en toe wat te bruinen in de zon. Let echter op: Ze mogen beslist niet verbranden! 's Winters kun je uiteraard de zonnebank gebruiken.

Ingetrokken tepels

Heb je erg ingetrokken of erg platte tepels? Dit hoeft helemaal geen belemmering te zijn voor het geven van borstvoeding. Wel is het verstandig om al in de zwangerschap te proberen de tepel wat meer naar buiten te krijgen. Dit kun je doen door de duimen aan beide kanten vlak naast de tepel te plaatsen, druk de tepelhof in en trek tegelijkertijd de huid van de tepelhof strak, door de duimen van elkaar af te bewegen. Hiermee strek je de tepel: als je de strakke huid loslaat, zal de tepel naar boven en buiten komen. Verplaats nu je duimen en herhaal de oefening, zo ga je de hele tepel rond. Er zijn ook tepelvormers te koop de zgn Niplette.

Platte of ingetrokken tepels kunnen een probleem vormen waarneer een moeder haar baby zelf wil gaan voeden. Ze ontstaan doordat melkgangen in de borst te kort zijn. De tepel, het meest gevoelige deel van de borst, wordt naar binnen getrokken. De Niplette biedt een behandeling met een blijvend resultaat. Door de zachte zuiging trekt de Niplette de tepel in een smal plastic hoedje. Na 4 tot 12 weken van 8 uren dragen per dag -b.v. onder een bh in een wijde blouse- zal de tepel gecorrigeerd zijn. Het beste gebruikt met de Niplette vóór de zwangerschap. Echter, als je borsten niet al te gevoelig zijn kan gebruik tijdens de eerste 6 maanden van de zwangerschap ook een blijvende correctie tot gevolg hebben.

Afgezien van wat je allemaal kunt lezen hier op de internetpagina kun je ook nog overwegen een cursus te volgen bij de Vereniging Borstvoeding Natuurlijk of een borstvoeding informatiemarkt bezoeken in jouw omgeving. Let op de aankondigingen in de spreekkamer of plaatselijke krant.
Is er iemand in jouw omgeving die pas een baby heeft gekregen en borstvoeding geeft? Vraag dan of je eens mag kijken bij het voeden. Steun van moeders in jouw buurt is de beste hulp die je kunt wensen.

Houding

Starten met borstvoeding kan direct na de bevalling: ideaal is het als binnen een uur na de bevalling de baby wordt aangelegd. De baby is dan vaak erg wakker en heeft een goede zuigreflex. Kies de houding uit die jezelf comfortabel vindt en waarin je het beste kunt leren:

  • Liggend op je zij. Zorg dat je zelf lekker ligt, leg je baby in het holletje van je arm en met zijn hoofdje ter hoogte van je borst. Leg de hand als een kom onder je borst en neem de tepel mét tepelhof tussen duim en wijsvinger. Maak er een tuitje van. Door de tepel langs de bovenlip van de baby te wrijven zal de baby in een reflex een hapbeweging richting de tepel maken. Op dat moment druk je de baby naar de borst toe en stopt een flink stuk van de tepel én de tepelhof in zijn mond. Als hij alléén de tepel in de mond heeft zal het pijn doen en ontstaan er tepelkloven. Als de baby goed zuigt voel je dat vaak doordat de baarmoeder gaat samentrekken. Als de baby goed drinkt maakt hij géén kuiltjes in de wangen, maar beweegt het bij zijn slaap en oren.
  • Rechtop zittend in bed of op de stoel. Ga rechtop zitten met de baby in je arm en met zijn buik tegen jouw buik (hij ligt als het ware dwars voor je). Het hoofdje ligt stevig in de knik van je elleboog en je hand omvat de billetjes. Hierdoor kun je de baby via de billetjes aan je borst draaien (en niet te hard drukken) als hij z'n mond open doet. Laat je schouder ontspannen, dan word je ook niet moe. Leg een kussen onder je arm als het nodig is om die te ondersteunen. Verder geldt hetzelfde als bij liggend voeden. De baby moet een flinke hap tepel én tepelhof in de mond nemen. Het mag geen pijn doen bij het drinken.
    De baby zal de borst vanzelf loslaten als hij voldoende heeft gedronken. Soms is het drinken gevoelig en moet je wennen aan het drinken van de baby aan de borst. Het kan zijn dat je de baby toch tussentijds van de borst wilt halen. Doe dit dan door je pink naast de tepel in de mondhoek te brengen. Als je de baby zomaar van de tepel haalt, beschadig je de tepel sneller.
    Het is goed om te weten dat jouw baby de eerste paar dagen onbeperkt aan de borst mag drinken. Wel opletten dat de baby goed de tepel én de tepelhof in de mond heeft.
    Biedt de baby de eerste weken geen fopspeen aan. Je onthoudt hem zo de kans om bij jou de borstvoeding te stimuleren, terwijl hij juist in de beginperiode dit doet door veel en vaak aan de borst te gaan. Bovendien kan hij in de war raken van het afwisselen van tepel en speen. Houd het dus eenvoudig voor jouw baby de eerste weken, alléén de borst.

Houd er rekening mee dat borstvoeding de eerste paar dagen veel geduld en oefening vergt. Dit is moeilijk op te brengen als je moe bent en pijn hebt, dus zorg ervoor dat je zo veel mogelijk rust krijgt. Slaap elke keer als de baby bij je ligt te drinken zelf ook even. Zo combineer je het nuttige met het aangename. Overleg met degene die voor je zorgt dat hij erop let dat het bezoek je niet te veel vermoeit. Heb je erg veel pijn van een knip of hechtingen, dan mag je rustig af en toe een pijnstiller (paracetamol of neurofen) nemen of in overleg met je verloskundige een zalf op de hechtingen aanbrengen.

Je hoeft niet overdreven veel te drinken; drink wel wat extra melk. Wel moet je ervoor zorgen dat je geen dorst hebt. Eten en drinken mag je net als in de zwangerschap doen zoals je gewend bent. Je zult op den duur zelf wel merken welke voedingsmiddelen jouw baby niet zo lekker vindt, of niet kan verdragen.

Aanleggen

Goed aanleggen van de baby is van groot belang voor het slagen van de borstvoeding. Onderzoek heeft uitgewezen dat verkeerd aanleggen, met als gevolg pijn tijdens het voeden, één van de belangrijkste oorzaken is voor het mislukken van de borstvoeding.

Goed aanleggen begint bij een comfortabele houding voor zowel moeder als kind. Of je ligt of zit is niet zo belangrijk, zolang de houding maar gedurende de voeding volgehouden kan worden zonder dat dit extreme inspanning vereist. Zorg er in ieder geval voor dat je benen en voeten, je rug en de arm waarmee je de baby vasthoudt voldoende steun hebben.

De baby ligt helemaal op zijn zij. Het gezicht, de buik, de borst en de knieën van de baby zijn jouw gericht en het mondje is vlakbij de tepel. De onderste arm van de baby ligt naar beneden, min om meer om jouw middel. Het hoofdje van de baby rust in het holletje van je elleboog en je hand ondersteunt de billetjes of beentjes. Je andere hand ondersteunt de borst met je vingers eronder en je duim lichtjes er bovenop, maar druk niet met je duim!! Let erop dat je vingers en duim minimaal drie centimeter van de tepelhof afliggen, zodat de baby deze goed in de mond kan nemen.

Door zachtjes met de tepel langs de onderlip van de baby te aaien, zal het mondje opengaan. Zodra de baby de mond wijd open doet, trek je de baby met een snelle beweging tegen je aan. De baby moet de tepelhof voor een flink deel in zijn mondje hebben. Het is niet erg als het puntje van zijn neus de borst raken, door de bolle wangetjes kan hij vrij ademen. Als de neus diep in de borst drukt kan je de borst iets optillen, de baby nog wat dichter tegen je aantrekken of iets doorschuiven naar je middel. Ga in ieder geval niet met je duim drukken om zo ruimte te maken voor het neusje: dit veroorzaakt kloven door het onregelmatig zuigen.
Als de baby goed aanligt heeft hij dus een groot deel van de tepelhof in zijn mondje, krullen de lippen naar buiten en zit het puntje van de tong tussen de onderlip en de borst. Als de tong niet te zien is (dit kun je controleren door de onderlip zachtjes omlaag te trekken) is de kans groot dat de baby verkeerd zuigt, hierdoor kunnen kloven of pijn ontstaan. Haal de baby dan van de borst door je pink voorzichtig tussen je tepel en zijn mondje te stoppen, het vacuüm wordt hierdoor opgeheven en zo kun je de baby op een goede manier van de borst halen. Leg vervolgens opnieuw aan en let erop dat de tong van de baby over de onderlip ligt voordat de baby naar je borst wordt gebracht.

Voeden op vraag

De melkproductie komt op gang door het zuigen van de baby aan de borst. Dus hoe beter de baby drinkt en hoe vaker je aanlegt, hoe sneller en meer voeding je krijgt. Voeden op vraag betekent dat je de baby elke keer aan de borst legt als hij aangeeft dat hij wel wil drinken. Dit houdt in dat je de eerste dagen soms wel acht tot tien keer voedt, maar ook twaalf keer is normaal.
De baby laat weten dat hij wil drinken door voedingssignalen af te geven. Dit is bijvoorbeeld met de tong langs de lippen likken, happen op de handjes of smakken. Huilen is een laat voedingssignaal, dus pak de baby op voordat hij helemaal overstuur is en niet meer aan wil pakken. Je kunt dit allemaal het beste zien als de baby dicht bij je is, bijvoorbeeld in een wiegje naast je eigen bed. Dit noemen we rooming-in.

Na een paar dagen is de voeding goed op gang en zie je vaak dat de melk spontaan uit de borsten begint te stromen. Er is een overschot en de baby wil soms maar zes of zeven keer per dag drinken en dan ook nog maar uit één borst. Blijf voeden op vraag en laat één borst steeds goed leeg drinken. Bied altijd nog de tweede borst aan, bijvoorbeeld nadat je de luier verschoond hebt. In het begin zal hij hier niet uit willen drinken, maar als de baby steeds maar uit één borst drinkt neemt de melkproductie weer af en zal te weinig worden om de baby volledig te voeden. Na een week of twee is vraag en aanbod in evenwicht. Je hebt dan volle borsten voor de voeding. De borsten lekken niet en er is geen stuwing meer.

Wanneer is de borst leeg?

Je moet luisteren en kijken naar je kind. Bij aanvang van een voeding begint een baby vaak gulzig te drinken, als de melk eenmaal toeschiet zuigt en slikt hij. Na geruime tijd wordt het ritme zuig-zuig-slik, zuig-zuig-zuig-slik. Als de baby zo'n 8-10 keer moet zuigen voordat hij slikt is de borst leeg. Je voelt dit ook omdat de borst leeg aanvoelt en de baby niet meer zo krachtig en effectief zuigt. Er is geen regel te geven hoelang het duurt voordat de borst leeg is.

Tips terstimulering van de borstvoeding

Om de borstvoeding te stimuleren:

  • Leg de baby zo snel mogelijk na de geboorte aan.
  • Let goed op dat de baby krachtig zuigt en niet sabbelt.
  • Voed op verzoek, dat wil zeggen geef de baby de borst als hij wakker is en niet op vaste tijden. Door te voeden als de baby wakker is, pakt hij vaak beter aan omdat hij dan honger heeft. Als je de baby op vaste tijden voedt, moet je hem vaak wakker maken en moet hij eten omdat jij vindt dat het tijd is. Het is veel beter om naar de biologische klok van de baby te luisteren. Ook al komt hij in het begin elke twee uur, dit geeft niets. Je zult merken dat je al heel snel een schema krijgt waarbij de baby zich om de drie uur gaat melden. Heb je een slaapkopje dat zich niet meldt, maak hem dan wel na drie uur wakker om te voeden.
  • Wil de baby niet aanpakken, probeer het dan twee of drie keer, maar blijf niet proberen. Leg de baby weer lekker bij je neer en probeer het nog een keer als hij weer wakker is.
  • Na het badje zijn de meeste baby's erg moe en vallen snel in slaap. Lukt het voeden dan niet, probeer het dan weer als de baby wakker is.
  • Houd de baby zoveel mogelijk bij je. Zeker in het begin merk je dan direct dat hij wakker is en ligt te zoeken. Je kunt hem dan iedere keer aanleggen en zo de voeding stimuleren.
  • Verwacht niet dat het gelijk lukt. Zowel jij als de baby moeten leren om te voeden en dat kost soms een paar dagen. Geduld en vertrouwen zijn belangrijke sleutelwoorden bij het slagen van de borstvoeding.
  • Voed in alle rust. Als er bezoek is vraag ze dan om even weg te gaan. Zeker als jij en de baby de borstvoeding nog onder controle moeten krijgen word je alleen maar zenuwachtig van al die pottenkijkers, ook de baby wordt hier onrustig van. Laat je niet beïnvloeden door alle welgemeende adviezen van zogenaamd deskundigen. Als het over de baby gaat heeft ineens iedereen overal verstand van. Laat ze maar praten en denk je zelf dat het niet goed gaat bespreek dit dan met de verloskundige of je kraamverzorgster.
  • Geef niet te snel op: heb vertrouwen in je eigen lichaam.
  • Komt de voeding wat traag op gang en gaat de baby huilen van de honger, probeer de borstvoeding dan te stimuleren door te gaan kolven. De afgekolfde voeding kan je vervolgens aan de baby geven met een 2 cc spuitje. Je verloskundige of de kraamverzorgster kan je hierbij helpen.
  • Als de borstvoeding na vijf tot zes dagen nog problemen blijft geven, dan is het verstandig om contact op te nemen met een lactatiekundige. Een lactatiekundige heeft een speciale opleiding gevolgd over borstvoeding geven.De Nederlandse vereniging van lactatiekundige kan je bereiken onder telefoonnummer 079-3290096 of www.nvl.borstvoeding.nl. Zelfs twee weken na de geboorte kan de lactatie nog op gang gebracht worden, dus het is nooit te laat om te proberen. Met de juiste begeleiding lukt borstvoeding bijna altijd.
  • Borstvoeding is vaak een kwestie van rust en geduld. Vooral bij een eerste kindje wordt de borstvoeding vaak gestaakt uit onzekerheid. Dit is jammer want, zoals je weet, is borstvoeding het allerbeste voor je baby. Borstvoeding geeft bescherming tegen allerlei infecties, vermindert de kans op allergieën en uit onderzoek is gebleken dat borstgevoede baby's beter presteren op school. Kortom geef het een goede kans en trek op tijd aan de bel als je problemen ondervindt. Vaak is het op gang komen van de borstvoeding even tobben, maar als het eenmaal goed loopt is niets makkelijker, goedkoper en bovenal gezonder.

Meer informatie

www.borstvoedingsforum.nl

Bron: Sandra Vuik Copyright: Medic Info Datum: 05/12/2001

Disclaimer